Wie zich verdiept in roodlichttherapie komt al snel uit bij dezelfde vraag: hoe lang en op welke afstand gebruik je het licht? Dosering draait namelijk niet alleen om tijd, maar net zo goed om afstand. Die twee zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Een passende combinatie helpt het lichaam het licht effectief te benutten. Meer licht of langer behandelen is daarbij niet automatisch beter. Juist een gebalanceerde aanpak zorgt voor een prettige en veilige toepassing.
Dosering als combinatie van tijd en afstand
Rood en nabij infrarood licht nemen in intensiteit af naarmate de afstand tot het lichaam groter wordt. Sta je dichter bij het apparaat, dan ontvangt de huid meer licht per seconde. Sta je verder weg, dan is er meer tijd nodig om dezelfde hoeveelheid licht op te nemen.
Daarom zijn tijd en afstand altijd aan elkaar gekoppeld. Samen bepalen ze hoeveel licht het lichaam daadwerkelijk ontvangt.
Verschil tussen oppervlakkige en diepere toepassingen
Globaal wordt onderscheid gemaakt tussen twee soorten toepassingen.
Oppervlakkige toepassingen
Denk aan huidzones, plaatselijke verzorging of gerichte ontspanning.
Hierbij wordt meestal gewerkt met:
-
Afstand: circa 20 tot 40 cm
-
Behandeltijd: ongeveer 3 tot 10 minuten per zone
Dieper gelegen toepassingen
Zoals spieren, gewrichten of grotere lichaamsdelen.
Daarbij wordt vaak gekozen voor:
-
Afstand: circa 30 tot 60 cm
-
Behandeltijd: ongeveer 10 tot 20 minuten per zone
Dit zijn indicaties, geen vaste regels. Ze geven richting, geen verplichting.
Waarom starten bij minimale waarden belangrijk is
Iedere huid en ieder lichaam reageert anders. Daarom is het verstandig om altijd te beginnen met de minimale tijd en een veilige afstand. Zo krijgt het lichaam de kans om te reageren zonder overbelasting.
Merk je dat de toepassing prettig aanvoelt en goed wordt verdragen, dan kun je:
-
de behandeltijd geleidelijk verlengen, of
-
de afstand iets verkleinen
Pas steeds één factor tegelijk aan.
Wat gebeurt er bij te veel licht?
Er bestaat een zone waarin het lichaam het licht het meest efficiënt benut. Te weinig licht heeft weinig effect, maar te veel licht kan het gewenste resultaat juist verminderen. Daarom leveren langere sessies niet automatisch meer op.
Het volgen van vaste schema’s is minder belangrijk dan letten op hoe het lichaam reageert.
Praktisch omgaan met tijd en afstand
Voor veel mensen werkt deze aanpak goed:
-
begin bij de ondergrens van tijd en afstand
-
observeer de reactie van huid en lichaam
-
bouw stapsgewijs op, eventueel verdeeld over meerdere sessies
Consistent gebruik met een passende combinatie van tijd en afstand levert vaak meer op dan sporadisch langere behandelingen.
Een realistisch uitgangspunt
Deze vorm van lichttoepassing is geen prestatie en geen exacte wetenschap. Het is een hulpmiddel binnen een bredere benadering van herstel, verzorging en dagelijks functioneren. Door bewust om te gaan met tijd en afstand haal je meer uit elke sessie, zonder het onnodig complex te maken.
Deze richtlijnen bieden houvast, zodat je met vertrouwen en realistische verwachtingen aan de slag kunt.